arrow leftTerug

Laesie gerelateerde factoren

Deze factor is onderverdeeld in drie subfactoren.
Per subfactor geven de deelnemers antwoord op de vraag: “Beïnvloedt de factor volgens jou het aanleren van motorische vaardigheden bij patiënten na een beroerte?”

decorative

Laesie in netwerk van basale ganglia, cerebellum en prefrontale cortex

Een laesie (letsel) in een van de genoemde hersengebieden of de verbindingen ertussen.

3,7%

Geen invloed

3,7%

Minimale invloed

7,4%

Weinig invloed

55,6%

Veel invloed

29,6%

Heel veel invloed

doughnut graph

Laesie in netwerk van temporale cortex, hippocampus, thalamus, fronto- pariëtale cortex

Een laesie in een van de genoemde hersengebieden of de verbindingen ertussen.

1,9%

Geen invloed

1,9%

Minimale invloed

16,7%

Weinig invloed

50,0%

Veel invloed

29,6%

Heel veel invloed

doughnut graph

Geïsoleerde laesie in sensomotorische hersengebieden

Een laesie die alleen de sensomotorische hersengebieden betreft met gevoels- en beweging-uitvalverschijnsel; zonder aantasting van andere gebieden en daarom zonder gevolgen voor cognitieve functies. Bijvoorbeeld: een 'pure motor stroke'.

5,6%

Geen invloed

11,1%

Minimale invloed

20,4%

Weinig invloed

37,0%

Veel invloed

25,9%

Heel veel invloed

doughnut graph
Opmerkingen
quote mark

Het gaat mij om het klinische beeld. Locatie kan dus wat zeggen over het type problemen, maar ik stel dat niet af op de regio maar op de symptomen.(quote deelnemer)